U bent hier: Home / Publicaties / Titels / In de kijker / Mei 2015 - Verdeling van de toegevoegde waarde per bedrijfstak

Mei 2015 - Verdeling van de toegevoegde waarde per bedrijfstak

In de kijker - mei 2015 - Verdeling van de toegevoegde waarde per bedrijfstak

Verdeling van de toegevoegde waarde van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest per bedrijfstak

De gegevens zijn afkomstig uit de regionale rekeningen voor het jaar 2013 die worden opgesteld door het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR). Het gaat meer bepaald om de bruto toegevoegde waarde tegen basisprijzen in lopende prijzen. Dit macro-economisch concept wordt gedefinieerd als de waarde van de output min de waarde van de intermediaire consumptie1. Het is een maatstaf voor de waarde van alle goederen en diensten die tijdens een periode worden geproduceerd zonder onmiddellijk te worden gebruikt in een productieproces, maar die wel voor finaal gebruik bestemd zijn2.

De toegevoegde waarde geproduceerd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest vertegenwoordigt 18% van deze van heel België hoewel het Gewest slechts een klein deel (0,5%) van de totale oppervlakte inneemt. Als volledig verstedelijk gebied heeft het Gewest dan ook een economische structuur die erg verschilt van de andere gewesten.

Tot in de jaren 70 was Brussel nog de belangrijkste industriestad van het land. Een industrie-as strekte zich uit van Halle en Tubize, dwars door Brussel, over de lengte van het kanaal tot Vilvoorde. Vandaag is de secundaire sector, hier beschouwd als de takken "Industrie en energie" en "Bouwnijverheid", goed voor slechts 9% van de toegevoegde waarde van het Gewest. Dit aandeel mag men echter niet zien als louter industriële productie in de strikte zin van het woord. Het betreft in feite evenzeer administratieve activiteiten en management.

Zoals de grafiek duidelijk aangeeft, is Brussel heel sterk gespecialiseerd in de tertiaire sector (91% van de toegevoegde waarde versus 78% voor België).

Bijna een vijfde van de toegevoegde waarde van het Gewest werd in 2013 gecreëerd door de activiteitensector "Financiële diensten en verzekeringen". Met maar liefst 18% tegenover 6% voor België weerspiegelt dit duidelijk het belang van Brussel als zakencentrum en als spil in de financiële dienstverlening voor het hele land. Men vindt er vele hoofdzetels van financiële instellingen en de aard van de financiële activiteit is in de hoofdstad anders dan in de rest van het land. Kenmerkend zijn wholesale banking en investment banking, een heel ander soort bankactiviteit dan de commerciële activiteit op detailniveau die in de andere gewesten voorop staat.

Het Gewest verwelkomt een groot aantal publieke instellingen, wat het gewicht verklaart van de tak "Openbaar bestuur". Tegenover 8% voor België is deze in Brussel immers goed voor 14% van de toegevoegde waarde. Als hoofdstad van Europa, België, de Franse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest en uiteraard het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zelf, kan het belang van Brussel als politiek centrum niet worden onderschat.

De tak "Wetenschappelijke en technische activiteiten" is goed voor 10% van de toegevoegde waarde in het Gewest, licht meer dan dit aandeel voor België (9%). Het leeuwendeel van de toegevoegde waarde binnen deze tak wordt gecreëerd door de florerende deeltak "Rechtskundige en boekhoudkundige dienstverlening; activiteiten van hoofdkantoren; adviesbureaus op het gebied van bedrijfsbeheer". Dat is onder andere te verklaren door een fenomeen dat de laatste decennia is waargenomen, waarbij ondernemingen zich opnieuw gingen toeleggen op hun corebusiness en steeds meer diensten werden uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven ("outsourcing"). Een deel van deze voorheen interne activiteiten bevindt zich nu dus in deze tak.

Ook de bedrijfstak "Informatie en communicatie" valt op het niveau van het Gewest groot uit (7% vs. 4% voor België). Dit heeft onder andere te maken met de aanwezigheid van klassieke communicatie- en mediabedrijven en ondernemingen gespecialiseerd in ICT-activiteiten.

Meer info: raadpleeg het "Economie" thema.


1. European Commission, International Monetary Fund, Organisation for Economic Co-operation and Development, United Nations and World Bank (2009), System of National Accounts 2008, New York.
2. Nationale Bank van België (2014), Algemene toelichting ESR 2010.